Hoe weet je dat het PDA is? 5 kenmerken

Hoe weet je of het PDA is?

Een vraag die me vaak gesteld wordt door ouders is: ‘Hoe weet ik of mijn kind PDA heeft?’ Nu heb ik al eens een artikel geschreven over het verschil tussen autisme en PDA-autisme, maar dat is een lang verhaal met heel veel punten. Ik begrijp dat een korte checklist ‘Hoe weet je dat het PDA is?’ handig zou zijn.

PDA-spectrum

Het is belangrijk om te weten dat ook PDA een spectrum aan gedragingen is. Het kan zich op verschillende manieren uiten. Toch zijn er net als bij het autisme spectrum een aantal kenmerken die in meerdere of mindere mate aanwezig zijn. Veel PDA-ouders hadden een ‘aha’ moment toen ze de kenmerken van PDA-autisme lazen. Hier volgen een aantal kenmerken waar je PDA aan kunt herkennen.

1. Dwars gedrag bij dagelijkse dingen

Het belangrijkste kenmerk is dwars gedrag bij gewone dagelijkse dingen zoals eten, slapen, tandenpoetsen, aankleden, uit bed komen, enz. Deze dingen proberen te vermijden zonder rekening te houden met veiligheid en gezondheid. Dus dingen vermijden die belangrijk zijn voor je gezondheid zoals: eten, slapen, naar het toilet gaan, persoonlijke hygiëne, enz. Vaak worden er smoesjes verzonnen om het niet te hoeven doen. Of wordt er gezegd dat het nu niet lukt. Aandringen geeft vaak een explosieve reactie.

2. ASS past niet

Veel oudere PDA-ers hebben een PDD-nos diagnose omdat ze wel autisme kenmerken hebben, maar niet helemaal in het autisme plaatje passen. Ook bij jongere PDA-ers past het plaatje niet helemaal en werkt de autisme-aanpak van rust, regelmaat en duidelijkheid niet.  Vaak als ik zeg: ‘PDA zit op het kruispunt van ADHD en ASS.’ klinkt er een zucht van herkenning. Deze uitspraak klopt niet helemaal omdat er ook PDA-ers zijn die naar binnen gericht zijn. Ze hebben geïnternaliseerde PDA. In elk geval geven ouders van PDA-ers aan dat de diagnose autisme niet helemaal passend is.

3. Soms wel soms niet

Bij gewone vraagvermijding wordt het na enige oefening vaak wel mogelijk om het gevraagde te doen. Bij PDA lukt dit niet. Het vermijden bij PDA heeft niets met de activiteit zelf te maken. Het is een neurologisch probleem waardoor de vlucht/vecht reactie getriggerd wordt. Dit betekent dat als de omstandigheden ideaal zijn, deze reactie niet getriggerd wordt en we wel kunnen doen wat nodig is. Dit zorgt voor flink wat verwarring omdat we dus soms iets wel kunnen wat de volgende keer dan weer niet lukt.

4. Van 0 tot 100 in 2 seconden

Mijn moeder zei ooit over mijn zoon: ‘Het is een moeilijk jongetje.’ Daarbij bedoelde ze dat hij niet alleen moeilijk voor zijn omgeving is maar ook voor zichzelf. We worden door onze omgeving vaak omschreven als Dr. Jekyll and Mr. Hyde. We kunnen van het ene moment van leuk en gezellig naar woest gaan. Dit is logisch als je bedenkt dat het om een neurologische reactie gaat die geactiveerd wordt en die we dus niet onder controle kunnen krijgen. In de praktijk lopen mensen in de omgeving van een PDA-er hierdoor vaak op eieren.

5. Maskeren

Veel van ons maskeren in meerdere of mindere mate. Dat betekent dat we ons aanpassen aan de situatie als we dat kunnen. We zetten dan al onze energie in, om gepast gedrag te vertonen. Dit heeft als nadeel dat als onze energie op is, alle ellende er uit komt. Dus PDA-ers die op school maskeren zijn vaak thuis onhandelbaar. Dit zet je als ouder in een hele moeilijke positie, want anderen zien het probleem gedrag niet.

Een ander gevaar van maskeren is dat de kosten van het maskeren niet verwerkt worden. Dan worden deze problemen geïnternaliseerd want de problemen zijn niet weg. Dit kan een heleboel problemen geven, zowel geestelijk als lichamelijk.

Meer kenmerken

Hoewel vraagvermijding de kern van PDA zijn er nog een aantal dingen waar je ons aan kan herkennen. Ik zet er nog acht op een rij.

  1. We lijken socialer dan we zijn.
  2. We zijn niet gevoelig voor autoriteit.
  3. Leeftijd boeit ons niet.
  4. We zijn gek op krachttermen.
  5. We zijn niet goed in oorzaak en gevolg.
  6. Onze fantasie slaat nog wel eens op hol.
  7. We kunnen obsessief zijn in onze belangstelling voor een ander.
  8. We zijn niet gevoelig voor beloning.

Hoe weet je dat het PDA is?

Niets is 100% zeker in het leven, maar als een groot aantal van bovenstaande kenmerken kloppen is een PDA aanpak zeker het proberen waard. Laat de straf en beloning aanpak los en ga over gaat op een PDA vriendelijk opvoeding zoals bijvoorbeeld onvoorwaardelijk ouderschap. Als je dan verbetering ziet, ben je op de goede weg.  Uiteindelijk gaat het er niet om of je kind PDA heeft of niet, maar gaat het erom dat je weet hoe je ze het beste kunt helpen hun weg te vinden in deze complexe wereld.

Twijfel je nog steeds en wil je jouw persoonlijke situatie bespreken? Boek dan een Helpende Hand gesprek.

Bronnen:
PDAsociety.org.uk

10 tips voor PDA-ouders

Deel dit bericht:
Myneke

Auteur: Myneke

Myneke (zij/haar) Boekenwurm, sokkenbreidster, PDA-ma en blogger over autisme met een PDA profiel.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.